

















|

People have
visited my page! |
|
|
Overheid
Autoriteiten tegen erfgooiers
De erfgooiers hadden niet veel last ondervonden van de Abdis van Elten
tijdens haar bewind en ook niet van de Hollandse graven. De maatschappij
veranderde sterk in de Gouden Eeuw. De nieuwe machthebbers zorgden voor veel
problemen en als reactie daarop kwamen de erfgooiers in verzet. Het begon
met het, naar de mening van de erfgooiers, onteigenen van een flink stuk van
het Gooi. De ‘overheid’ van die tijd stootte op fel verzet tegen de
stichting van ‘s Graveland. De Drost van Gooiland, P.C. Hooft, liet de
erfgooiers in de steek, nadat hij ook zijn oog had laten vallen op een kavel
in de ontginning. Uiteindelijk werd een afdeling van het Staatse huurleger
ingezet om de particuliere belangen van bepaalde regenten te verdedigen. Dat
gebeurde notabene tijdens de 80 jarige oorlog. Er ontstond een nieuw Goois
dorp. In tegenstelling tot de rest van het Gooi was de kloof tussen arm en
rijk groot. De rijken bezaten grote landgoederen, die alleen zomers bewoond
werden. De armen woonden op een smalle strook, ingeklemd tussen de weg en
een vaart.

Ook de rest van het Gooi werd bedreigd door de nieuwe rijken. De reder van
de walvisserij, Tijmen Hinloopen, kocht het landgoed Oud Bussem. Zijn zonen
hadden zich reeds straffeloos vergrepen aan erfgooiers. Een kleinzoon van
Tijmen, Francois Hinloopen, begon een proces tegen de erfgooiers. Door zijn
goede contacten met Amsterdamse regenten lukte het hem dwang uit te oefenen.
Hij wist het bestuur van Domeinen er toe te brengen de Staten voor zijn
karretje te spannen. Die bevalen dan ook dat Stad en Lande een kaart van
Gooiland moest maken met de aanduiding van de gemene gronden. Tevens moest
er een lijst worden opgemaakt met alle gerechtigden. De kaart kwam in 1709
gereed, de lijst in 1708. Op de lijst stonden 1088 namen van gerechtigden,
waarvan 624 niet-scharenden.
De erfgooiers werden ongeveer een eeuw met rust gelaten. Onder het bewind
van koning Lodewijk Napoleon in 1809, mislukte de poging om de
erfgooiers-gronden te verdelen. Napoleon lijfde Nederland in bij Frankrijk.
De erfgooiers waren daarvan niet onder de indruk . In 1811 togen zij naar de
Grote Kerk van Naarden om zich eensgezind te verzetten tegen delingen. De
verdeling kwam er uiteindelijk onder koning Willem I. Door zijn halsstarrige
houding in de Belgische kwestie was de staatsschuld hoog opgelopen. Willem I
zocht dus naar mogelijkheden om de schatkist weer te vullen. Zonder
raadpleging van de erfgooiers werden delingen uitgevoerd in 1836 en 1846.
Domeinen verkocht een deel van de ‘gemene gronden’ en in ruil verkregen de
gerechtigden het resterende deel in volle eigendom. Voor de erfgooiers
betekende het echter, dat de oppervlakte waar zij ooit het vruchtgebruik
hadden werd verkleind. Het eigendomsrecht was in feite een zoethoudertje.
Vanaf die tijd ging het bergafwaarts met het bestuur van Stad en Lande. De
bestuursleden bestonden al snel uit burgemeesters, die alleen de belangen
van de vroege projectontwikkelaars dienden. Stukken heide, gemeenschappelijk
eigendom, werden verkocht buiten de eigenaren om. De burgemeester van Huizen
en Bussum, Langerhuizen, behoorde zelf tot de projectontwikkelaars. Rond
zijn landgoed Crailo wist hij door ruiling erfgooiersgrond te bemachtigen.
Hier tegen werd actie gevoerd en jarenlange rechtszaken volgden. De
opbrengst van de verkoop van zand langs de spoorlijn Hilversum - Bussum,
verdween in de gemeentekas van Hilversum.
Het eigengereide bestuur van Stad en Lande had ook de jacht verpacht. De
beroepsjager Harmen Vos schoot, einde 19e eeuw, een haas op het
gemeenschappelijk domein. Gevolg een rechtszaak, waarbij Harmen terecht
aanvoerde dat hij op ‘eigen terrein’ een haas had geschoten. De
onlustgevoelens onder de erfgooiers leidden daarop tot actie en verzet. Er
ontstond een oppositie tegen het Stad en Lande bestuur. Floris Vos, de
eigenaar van het landgoed Oud Bussem, nam de leiding op zich. Hij richtte
een nieuwe partij en nieuw bestuur op onder de naam ‘Hoofdbestuur van de
Berechtigden tot de gemeene heiden en weiden van Gooiland’.
De burgemeester van Blaricum raakte betrokken bij het boerenprotest.
Boerenjongens probeerden in 1903 vee op de Meent te brengen, tegen de zin
van de burgemeester. Zoals toen gebruikelijk bij protesten en relletjes,
liet de burgemeester soldaten komen. De Laarder Hendrik Smit riep: ‘Ze
zullen je op je eigen land niet doodschieten. Dat durven ze niet’ . De
burgemeester gaf bevel te vuren en de 22 jarige jongen werd dodelijk
getroffen. Deze kwestie haalde de landelijke pers en uiteraard de regering.
Na jarenlang touw trekken werd in 1912 de Erfgooierswet ingesteld.
De overheid had het slim bekeken. De wet stelde het belang van de landbouw
op de eerste plaats. Het aantal veehouders was een minderheidsgroep binnen
de leden van de nieuwe ‘Vereniging Stad en Lande van Gooiland’. Beide
groepen kon men dus steeds tegen elkaar uitspelen. Logisch dat de overgrote
meerderheid van de erfgooiers ook wel profijt wilde trekken van hun recht.
Tijdens de crisisjaren, bij de verkoop van de Gooise heide gingen de meeste
dan ook accoord met een fooi. De oude Floris Vos noemde het een bordje
linzen. Een meevaller voor de Gooise gemeenten was de korting op de
uitkering van de vele werkeloze erfgooiers. De aller armste leden betaalden
aldus mee aan het natuurreservaat, terwijl de villa’s langs de hei in waarde
stegen.
De toename van de Gooise bevolking, de woningnood en het teruglopend aantal
veehouders, betekende het einde van de Vereniging Stad en Lande van Gooiland.
Weer was er geen onafhankelijke voorzitter. De burgemeester van Naarden wist
handig in te spelen op de situatie. Omstreeks 1970 ging de meerderheid van
de erfgooiers accoord met de opheffing van Stad en Lande. De fooi was dit
keer veel lager dan tijdens de crisisjaren.
|
|
Weather
|
|
|
Redmond, WA - Sunny
High: 85 , Low: 70 degrees |
|
|
Communities & Forums
|
Look at my new
online photo album filled with pictures from my vacations, sporting
events, and my family. |
|
|