|
|
|
![]() |
||
12/08/02 |
|
|
HUWELIJKSSLUITINGEN IN HET NEGENTIENDE EEUWSE BLARICUM
Sint Jansfeest en losse zeden ? In het verslag van de Werkgroep Blaricum 1840 komt het volgende voor over geboortecijfers: "In totaal waren er in de periode 1836-1843 193 geboorten. Per jaar gemiddeld 27,5 geboorten. Het maandgemiddelde over 7 jaar was 16 geboorten, 2,3 per maand per jaar. In totaal werden er 108 jongens en 85 meisjes geboren. Opvallend is het hoge aantal geboorten in de maand maart. Een oorzaak is wellicht te vinden als we negen maanden terug rekenen: het is dan hoogzomer, hooioogst en het St. Jansfeest in Laren op 24 juni. Uit het hoge aantal geboorten in de tweede helft van februari en in de eerste helft van maart is wellicht het lage aantal in november te verklaren".
Harde realiteit Het verband met het St. Jansfeest is te snel gelegd. Bij een zwangerschapsduur van 280 dagen, zou de geboortedatum na St. Jan ongeveer 31 maart zijn. De keus van het St. Jansfeest komt voort uit de heersende opvattingen (vooroordelen) over de zeden en gewoonten uit vroeger eeuwen. Het domweg overnemen van allerlei anekdoten, zonder bronvermelding of onderzoek, is onjuist. Ik geloof niet in romantische of pikante conclusies i.v.m. de geconstateerde 'geboortepiekjes' in Blaricum rond 1840 ! Het is eenvoudig te bewijzen, dat de oorzaak gelegen is in de harde realiteit en traditie. De periode om te trouwen werd vroeger in Blaricum bepaald door enkele zwaarwegende tradities, namelijk: De vastentijd, jaarcontract in dienstbetrekking en de schaardag.
Vastentijd In Blaricum werd door de, overwegend katholieke, bevolking niet getrouwd gedurende de veertigdaagse vasten. Men trouwde ná Pasen. (Late Pasen 25 april) Tijdens de jaren 1835 t/m 1842 werden er in de RK. kerk 32 huwelijken ingeschreven. Hiervan werden de huwelijken gesloten in de maanden of perioden: Mei 23x, juli 2x, vastentijd 1x en in de overige maanden 6x. Zelfs de twee huwelijken in juli zijn geen gevolg van het St. Jansfeest. Het ene echtpaar kreeg na 11,5 maand een kind, het andere komt niet voor in het doopboek. Het doopboek vermeldt in de maanden februari en maart geen enkel 'onwettig' kind.
Verhuren als knecht of dienstbode Waarschijnlijk zijn de meeste zonen en dochters uit de vele grote gezinnen vóór hun trouwen in dienstbetrekking geweest. Mogelijk uitwonend buiten Blaricum, of thuiswonend. Knecht of dienstbode was je per jaar. Je begon en eindigde in het voorjaar, meestal in mei. Er werd getrouwd ná het beëindigen van het jaarcontract, dus ná Pasen en vóór 12 mei. Met het bij elkaar gespaarde geld konden enkele koeien gekocht worden.
Schaardag op de oude Mei
In Blaricum trouwden jonggehuwden ná de Paasdagen en vóór de schaardag van de erfgooiers. Dit hield verband met het schaarrecht dat verbonden was aan de huwelijkse staat. Wilde je een gezin stichten, dan was het van LEVENSBELANG onmiddellijk vee te houden in het voorjaar en de zomer. Met de opbrengst van dat seizoen kon het jonge gezin de winter OVERLEVEN. De datum van deze belangrijke schaardag werd reeds in 1442 aangeduid als "de eerste werckdage nae Meijedach". Dat wil zeggen 1 mei volgens de Juliaanse kalender. Anno 1585 werd in 't Gooi de Gregoriaanse kalender ingevoerd. Sindsdien sprak men in de schaarbrieven van "de schaardag op de oude Mei, zijnde nu de 12e". De schaarbrief van 1804 geldig vanaf 1804 vermeldt deze datum geheel volgens de eeuwenoude traditie.
Huwelijksdata volgens het trouwboek van de RK. Parochie te Blaricum
In verband met de schaardag en de huwelijksdata, heb ik het trouwboek van de RK. Parochie van Blaricum doorgewerkt. Vervolgens het tijdperk 1775 t/m 1849 in 3 perioden van 25 jaar verdeelt en de trouwdata in grafieken weergegeven. Het trouwboek toont aan, dat er vanaf 1775 een toenemende tendens is om te trouwen in de week van 5 t/m 11 mei.
_________________________________________________________________________ periode│echtparen in RK trouwboek │aantal huwelijken in de maanden │totaal │ 1-31/5 │ 5-11/5 │01-02-03-04-05-06-07-08-09-10-11-12 │aantal │ aantal │ aantal │ 1775/99│ 87 │ 44 50% │ 17 19,5%│ 2- 2- 0- 6-44- 8- 1- 6- 6- 4- 6- 2 1800/24│ 94 │ 55 58% │ 31 33 %│ 2- 5- 2- 6-55- 4- 2- 2- 1- 5- 9- 1 1825/49│ 105 │ 70 66% │ 44 42 %│ 3- 3- 1- 6-70- 4- 4- 3- 2- 6- 2- 1 ___________________________________________________________________________ Uit de grafieken blijkt een voorkeur om te trouwen in de week voor de schaardag op 12 mei. Huwende weduwnaars of alleenstaande weesjongens met schaarrecht, hadden geen belang bij de schaardatum, evenals niet-erfgooiers. De overige erfgooiers, die vóór deze datum trouwden verkregen het schaarrecht voor dat seizoen. De erfgooiersledenlijst (niet te verwarren met de schaarlijst) vermeld 5 nieuwe leden, die allen dat jaar getrouwd waren op 5 mei. De verdeling van de overige 3 bruidegoms uit 1836: Een erfgooier van buiten Blaricum op 5 mei, een weduwnaar erfgooier van 39 jaar en een niet-erfgooier.
Na de huwelijksdag en nacht volgde 280 dagen later de eerstgeborene. Na de genoemde mei-week komen de dopelingen vanaf half februari voor in het doopboek van de RK parochie. Verder blijkt, dat de jonge echparen ook het volgende jaar rond die tijd het tweede kind laten dopen. De verklaring van de geboortegolfjes in februari/maart is dus overduidelijk !
VHBH9212.HUW HISTORISCHE KRING BLARICUM, DECEMBER 1992
|
This site was last updated 12/08/02